Maandag 26 juli: l'histoire se remplit

Château de Chinon

Negen uur op z'n laatst mag je aanschuiven voor het ontbijt, dus schuiven we aan om negen uur. Met de suikerspiegel geheel op peil overleggen we daarna waar de dag van vandaag ons brengen zal. Gistern voerde onze ontdekkingstocht voornamelijk westwaarts, nu richten we onze pijlen meer naar het zuiden en oosten. Met weersgesteldheid hoeven we niet veel rekening te houden: het zal droog blijven, zelfs tamelijk zonnig en warm.

Op basis van het niveau van enthousiasme in onze ANWB-gids kiezen we als startpunt het kasteel in Chinon, weer een van de oudere bouwwerken - in dit geval 11e-eeuws. Via dezelfde Carrefour als gisteren om in onze lunch te voorzien rijden we de luttele kilometers en zien andermaal kasteelcontouren naast een rivier. In dit geval blijkt het meer om een ruïne te gaan, een interessante afwisseling van de zorgvuldig gerestaureerde of zelfs permanent bewoonde exemplaren gisteren.

Een uitgestrekte ruïne
Chinon blijkt opnieuw een voltreffer, waar we andermaal een stukje oude Frans-Engelse geschiedenis te weten komen. Dezelfde Hendrik II heeft hier hof gehouden, in de letterlijke zin van het woord. Dat wil zeggen, hij reisde rond tussen de verschillende kastelen in zijn domein, maar Chinon wsa de hoofdvestiging. Daarnaast moet in Chinon een mythische episode in de Franse geschiedenis hebben plaatsgevonden, waarbij Jeanne d'Arc de echte Franse koning herkende hoewel hij zich vermomd had; een wapenfeit dat haar statuur als godgezonden redster van Frankrijk beklonk. We leven dan wel inmiddels een kleine 300 jaar later, mid-15e-eeuw.

Maquettes: altijd leuk
Het kasteel zelf is een mooie, uitgestrekte ruïne, die nog niet lang geleden is opgeknapt. Dat opknappen heeft onder andere gerestaureerd in een "histopad" die wij bij de ingang (coronacheck, mondkapje) meekrijgen en verrassend goed en soepel doet wat-ie doen moet: augmented reality, informatie, schatzoeken, kortom: de zaak tot leven brengen. Een groot verschil met de krakkemikkige audioguide die mijn deel was in Fontevraud. Er zijn maquettes van de stadia van het kasteel door de eeuwen heen, schaalmodellen van oude artilleriewerktuigen (ik heb in de souvenirwinkel een kleine couillard gekocht) en een heuse ontsnappingsgang die zeer diep de tufstenen ondergrond induikt voordat de doorgang versperd wordt. Wat wil je nog meer?

De histopad
We worden opnieuw doordrongen van onze onwetendheid aangaande de Franse historie en hoe die beleefd wordt, door de verwijzingen naar het duidelijk sterk gemythologiseerde verhaal rond Jeanne d'Arc, waar je als nuchtere Hollander toch niet echt iets van meekrijgt. De "kamer der herkenning" waar Jeanne door des konings vermomming zag speelt een aanzienlijke rol in de histopad; er zijn schoolplaten uit de jaren vijftig; en er is sprake van een zwaard dat in symboliek niet lijkt onder te doen voor Excalibur. Heerlijke ingrediënten voor een speelfilm, die inderdaad gemaakt blijkt te zijn en die we zeker gaan zien, als afsluiting van onze vakantie!

Een nieuwe mythe is geboren
Ook vanuit het kasteel van Chinon voert een weg omlaag, en ons bezoek zou niet compleet zijn zonder afdaling, constatering dat het daar beneden aanzienlijk minder interessant is dan daarboven, en herbeklimming. Een lift bespaart ons het meeste van het laatste. Het stadje lijkt een heleboel meer toeristen te kunnen absorberen dan er op dit moment zijn. De foto's van het kasteel, onvergelijkelijk schilderachtig vanaf rivierniveau, zijn het waard.

Volgende stop: Chateau d'Ussé. Op weg er naartoe vinden we een picnicplek langs de kant van de weg, waar deze streek (en volgens Margrieta heel Frankrijk) behoorlijk rijk aan is. We moeten hem delen met een camper; ook daaraan is het land rijk. Ons voorland? We nuttigen er ons eerder op de dag aangeschafte brood en kaas en vervolgen onze weg.

Het kasteel van de schone slaapster

De poort opent zich voor de prins
Ussé (coronacheck, mondkapje) heeft weliswaar ook wortels in de middeleeuwen, maar wat er nu staat is gothiek gemengd met renaissance, en dankt zijn faam hoofdzakelijk aan het fet dat Doornroosje hier honderd jaar geslapen heeft. Dat wil zeggen, de Franse schrijver Perrault heeft het kasteel eind 17e eeuw gebruikt als inspiratie voor zijn hervertelling van een al eeuwen ouder verhaal, en is daarna ruim een eeuw later zelf geplagieerd door de gebroeders Grimm, die het "Doornroosje" noemden. Het kasteel heeft inderdaad Disney-achtige kwaliteiten, en verreweg het leukst is de toren waarin het sprookje herverteld wordt, met bijbehorende taferelen, terwijl de bezoeker wenteltrappen bestijgt en afdaalt, zich door malle gangetjes worstelt en stoffige zolders oversteekt. Opnieuw heel fijn dat het verre van druk is. De bezoekers tellen overigens aanzienlijk meer kleine meisjes in snoezige jurkjes...

Historisch gezien valt vooral op dat het kasteel werkelijk tientallen keren van hand tot hand is gegaan: het onderhouden van een kasteel is een dure aangelegenheid. Net als Brézé is het ook nu bewoond; de huidige bezitter houdt het al uit sinds 1885, wat een record lijkt te zijn. Naast Doornroosje is er ruimte voor exposities en evenementen: het wordt geafficheerd als "un château qui ne s’endort jamais".

De tuinen van Vallendry
Van mythe naar sprookje... wat kan deze dag daar nog aan toevoegen? We gaan voor hobby, of beter gezegd: tuinarchitectuur. Ussé deed het al niet slecht in dit opzicht, maar weinig kan tippen aan de tuinen van kasteel Villandry (coronacheck, mondkapje). Meteen een mooie lijn vanuit onze vorige grote buitenlandse vakantie, twee jaar geleden in Ierland (en Engeland), waar we op dag 2 de beroemde tuinen van Powerscourt hebben bezocht en bewonderd. De gecultiveerde versus de natuurlijke look, zo zou ik ze in relatie zetten. Beiden hebben absoluut hun charmes. We proberen uit te rekenen wat het kost om de look van Villandry te bewaren, en of de toegangsprijs maal het geschatte aantal bezoekers toereikend is. Dat lijkt wel te gaan, maar er zitten heel veel ongestaafde aannames in de berekening. Vooral het aantal bezoekers is eigenlijk niet goed in te schatten: nu is het aangenaam rustig, maar ja, Corona.

Een weinig uitdagend labyrinth
Het is in ieder geval zonder meer een wonder in hoeveel bonte verschijningsvormen de natuur zich aan ons voordoet, en hoeveel moois iemand die daar echt verstand van heeft daaruit weet samen te stellen. Weliswaar is het ene deel zogenaamd een kruidentuin en het andere een moestuin, passende bloemen bloeien overal. (Hoogstens het labyrinth stelt teleur, vanwege een overvloed aan routes naar de bestemming.) Bij het aanschouwen van zoveel meesterschap beseffen we allebei - Margrieta het meest - hoe aantrekkelijk het idee is dat je dit zelf ook beheerst, dat je bijvoorbeeld om te beginnen meer dan vijf procent van wat hier groeit en bloeit kunt benoemen. Maar nee, dat is een allang gepasseerd station.

Azay-le-Rideu: de poost heeft zich gesloten
We hebben geleerd van gisteren. Wil je dineren, en niet te laat, dan dien je te reserveren, en niet te laat. Die les blijkt des te nuttiger omdat heel veel restaurants op maandag dicht zijn. We vinden uiteindelijk een leuk aandoende plek in Azay-le-Rideau, nota bene direct naast een kasteel dat we eigenlijk besloten hadden niet te doen vanwege niet bijzonder genoeg. We zijn er nog net op tijd om te constateren dat we zonder de toegangsprijs te betalen maar heel weinig kasteelschoon kunnen ontwaren; dan is het de bekende 19 uur, gaat het kasteel dicht en het restaurant open. We eten er zeer smakelijk in de achtertuin van een kerkje, in de avondzon. Een geslaagde afsluiting van alweer een geslaagde dag.


Reacties

Populaire posts van deze blog

Dinsdag 3 augustus: La Capitale de l'Europe

Zaterdag 31 juli: qu'est-ce qu'on fait en Elsace?

Vrijdag 30 juli: À l'est